Inhoud van het vak
Als dierenverzorger kom je vooral met geneesmiddelen in aanraking binnen een dierenartspraktijk. Een belangrijke taak van de dierenartsassistent is het toedienen van geneesmiddelen onder toezicht van de dierenarts, evenals het correct informeren van eigenaars en het beheren van de geneesmiddelenstock.
Omdat deze verantwoordelijkheden een grote impact hebben op het welzijn van dieren, is een grondige basiskennis van farmacologie essentieel.
Deel 1 – Basisbegrippen van farmacologie
- Samenstelling en naamgeving van geneesmiddelen
- Diergeneeskundige versus humane geneesmiddelen
- Basisprincipes voor het veilig gebruik van geneesmiddelen
- Wetgeving en verantwoordelijkheden binnen de diergeneeskunde
Deel 2 – Werking van geneesmiddelen
- Farmacokinetiek: absorptie, distributie, metabolisme en excretie
- Farmacodynamie: werking van geneesmiddelen op het lichaam
- Bijwerkingen en ongewenste effecten
- Interacties tussen verschillende geneesmiddelen
Deel 3 – Dosering en toediening
- Factoren die de juiste dosering bepalen (diersoort, gewicht, leeftijd)
- Dosisberekeningen en praktische oefeningen
- Verpakking en bijsluiter van geneesmiddelen
- Principes van intraveneuze vloeistoftherapie
Deel 4 – Specifieke toepassingen
- Het cascadesysteem in de diergeneeskunde
- Correct informeren van eigenaars over gebruik en risico’s
- Beheer van geneesmiddelenstock en administratie